B E S T E L    D E    B O E K E N    V A N    K R I S    E N    A B O N N E E R    J E    O P    H E T    T I J D S C H R I F T    V A N    H U B E R T :    W E I R D O'S

Kris' gedachten van april

2017: Weirdoord


Foto Als de temperatuur eind maart boven vijftien graden gaat, is de lente in het land. We snakten al maanden naar een mooie, zonnige dag waarop we met de motorhome naar een leuke stad konden vertrekken. En ineens was het zo ver: Utrecht zou onze eindbestemming zijn. Maar op het hoofdkantoor van de Nederlandse Spoorwegen – de Utrechtenaren noemen het grootste bakstenen gebouw van Nederland vanwege de vorm de inktpot – leek een vliegende schotel te zijn geland. In het avondlicht scheen het ding oranjeachtig licht uit, alsof de aliens elk moment naar hun thuisplaneet konden vertrekken. Bizar toch?
Voordien hadden we al bij het enorme beeld van Michael Jackson staan gapen; dat had hem begeleid tijdens zijn HIStory World Tour en was uiteindelijk als een stille getuige op het parkeerterrein van McDonald’s in Best achtergebleven. Het bollenveld van woningen in Den Bosch verraste ons nog meer. Terwijl Michael Jackson’s beeld ons de stuipen op het lijf joeg vanwege de bedevaartachtige sfeer, gaven de vele bolwoningen ons een heel idyllisch gevoel. Op een bankje in de vorm van een schoenborstel gaf ik mijn vriendin een kusje dat zowel tederheid als passie inhield.
Diezelfde merkwaardige sfeer hadden we in 2016 al opgesnoven op andere plaatsen in Nederland. Zo hadden we het reusachtige kunstwerk ‘Rijnhert’ op een heuvel tussen allerlei kantoorgebouwen bezichtigd; de inspiratie kwam van het bekende reclamebord van de Spaanse Osborne stier. In Arnhem lieten we ons bekoren door de waterval in het Sonsbeekpark in Arnhem; je kon ze ook vanuit een achterliggende grot bekijken. In Valkenburg aan de Geul stonden we perplex bij het kleurrijke, met golfpatronen beschilderde gebouw van de Ronald McDonald kindervallei, een vakantiehuis voor lichamelijk beperkte kinderen. Stuk voor stuk toch eigenaardige plaatsen.
Dat een bezoekje soms ook tegenvalt ondervonden we aan het Evoluon in Eindhoven. Ik herinner me dat ik er op schoolreis ben geweest en dat ik toen helemaal weg was van een eivormige behuizing waarin je relax kon zitten en luisteren naar muziek. Toen waren innovaties er troef. Maar tijdens mijn recente bezoek was het ufo-achtig gebouw voor de gelegenheid omgevormd tot een concertzaal en er was geen parkeerplaats meer te vinden voor onze lange motorhome. Ook onze visite aan Dordrecht viel tegen, waar een kopie van de ark van Noach op de Bergsche Maas zou aangemeerd liggen. Bij navraag ter plaatse bleek dat de enorme, houten boot enkele maanden eerder was uitgevaren met een onbekende bestemming, misschien wel de Dode Zee in Jeruzalem of de berg Ararat in Turkije.
Op onze citytrip naar Utrecht moesten de ongeluksgoden ook hun willetje doordrijven door de deuren van de piramide van Austerlitz gesloten te houden. De plaggenpiramide mèt houten obelisk aan de oostkant van Utrecht werd onder het bewind van Napoleon door Franse soldaten onder leiding van generaal De Marmont opgericht om de verveling te verdrijven. Hun opdracht? Een mogelijke invasie van Engelse soldaten opvangen, maar die kwam er niet. Alleen jammer dat de deuren in het winterseizoen alleen op zondag open gaan terwijl wij er op een vrijdag waren.
Maar wij laten ons niet snel afwimpelen. Als invaller voor de zoveelste rare stek op onze ontdekkingstocht diende het kasteel De Haar, liggend aan de westkant van Utrecht, bovendien het grootste kasteel van Nederland. Zoals verwacht was het entreegeld buiten proporties en daarom besloten we enkel een wandeling in het grote park te maken. In plaats van gek was die plek wel spek voor onze bek.
Toch zijn we na elke excursie blij als een koppel patrijzen weer op ons eigen nest neer te strijken, ons huis in Hasselt. En als het regent zoeken we in het boek van Jeroen van der Spek een nieuwe gekke plek.

2016: Ban de boeman


Foto De bedoeling van deze blog is mijn gedachten te toetsen aan de meningen van anderen, of omgekeerd. Meestal heb ik het over vervelende dingen die onze wereld wat minder mooi maken, lelijk zelfs. Liever schrijf ik over leuke dingen. Met mijn vriendin binnenshuis of in de trein lachen met woordspelingen en onverwachte situaties is voor mij dolle pret. Maar naarmate ik ouder word lijkt het alsof ik minder en minder echt aangename momenten beleef omdat buiten voortdurend oorlog woedt.
En als er dan iets gebeurt dat België en zijn buurlanden doet schokken, ben ik verplicht in de pen te kruipen en mijn mening te verkondigen als een apostel van jezeke. Ik weet wel ongeveer hoe het ondermaanse in elkaar steekt, maar van heel veel zaken ben ik absoluut niet op de hoogte. Ik laat me trouwens niet graag een gevoel opdringen door de massa, ik ben veeleer een einzelgänger die zich liever in zijn eigen wereldje verschuilt, of beter: opsluit. Als dusdanig moet ik nu toekomen aan de reden van dit schrijven en ik hoop dat ik de lezer met een positief gevoel achterlaat, want kopzorgen hebben we liever niet.
Terreur dus. Die woedt niet alleen in Parijs maar ook in Brussel. Mijn gemoed is bedrukt en ik voel me machteloos in het verdrijven van de blinde haat uit onze toch wel gewelddadige gemeenschap. Radeloosheid zou ik het gevoel kunnen noemen, maar ik voel me ook vertwijfeld in een maatschappij waarin communicatie hoogtij viert maar mensen nog steeds langs elkaar heen praten. Hoe het allemaal zover is kunnen komen laat ik in het midden, laat staan dat ik een oplossing voor het probleem kan bedenken. Het enige wat ik kan doen is de dingen onder ogen zien en me afvragen hoe het nu verder moet.
Mensen zouden goed noch slecht geboren worden. Hoe ze zichzelf zien en hoe hun omgeving hen opvangt bepaalt blijkbaar hun levenspad, die de openbare orde kan verstoren. Ik mag van geluk spreken dat ik in dit land geboren ben en dat fijngevoelige ouders me zo goed als mogelijk hebben opgevoed. Dat geluk hebben velen op deze aardkloot niet, en toch trekken ze hun plan. Dat een menselijk brein tot moord in staat is, moet nu wel onderhand voor iedereen duidelijk zijn. Zelfs in familiekring lijkt het een oplossing voor onoverkomelijke problemen, maar daar kan ik misschien nog inkomen. Waarom sommigen naar zelfopoffering grijpen en met hun one-man-show zoveel mogelijk aardbewoners in hun ellende willen meesleuren is voor mij echter onmogelijk te verklaren.
Het is zaak te achterhalen waarom mensen zodanig in het nauw worden gedreven dat ze dergelijke daden willen stellen. Ik denk dat het geloof hier weinig mee te maken heeft. Christen, jood, moslim of enige gelovige in iets of iemand anders, ze hebben allemaal hun slechte aard al naar boven laten komen en onheil over de rest van de mensen uitgesproken als profeten van de almachtige die liever niet genoemd wilt worden. Er schuilt wellicht in ieder van ons een moordenaar die door de daden of woorden van anderen uit zijn cel kan ontsnappen en in een vlaag van verstandsverbijstering, krankzinnigheid zeg maar, onherroepelijk toeslaat en dood en verderf zaait.
Wat gebeurt, is gebeurd. Ook voor de mensheid is er geen weg terug meer. We moeten leren leven met de onwil van anderen om zich in een samenleving te integreren en regels te volgen die de algemene gang der zaken in de hand houden. Net zoals schrijvers hebben priesters de plicht om gebeurtenissen aan de kaak te stellen, maar liefst niet door hun volgelingen bang te maken of ze tot weerwraak op te roepen. Ik denk dat we met verdraagzaamheid al ver komen. We moeten ervoor zorgen dat kinderen sowieso goed worden ontvangen in deze jungle. Dat de Tarzans en Janes elkaar in liefde mogen vinden en dat ze opgewassen zullen zijn tegen het gevaar dat in het duister loert, hier een tijger, daar een leeuw, niet meer. Ieder voor zich moet uitmaken hoe hij de wereld in zijn geheel beter kan maken. Terwijl we met een tolerante mensheid voor de geest onderweg zijn, schrikken sirenes van politieauto’s en ambulances ons op, maar uiteindelijk zullen we in een veilige haven aankomen. Daar durf ik mijn hoofd om te verwedden ;o)

2015: Achter de wolken schijnt de zon


Foto Als kind stelde ik me een verduistering van de zon heel dramatisch voor nadat ik het stripverhaal De Zonnetempel van Kuifje had gelezen. Allicht hebben de oermensen raar opgekeken toen ze de zon achter de maan zagen verdwijnen. Hun hersencapaciteit was nog te rudimentair om er een verklaring voor te vinden en daarom hebben ze het fenomeen verbonden met de aanwezigheid van een hemelgod. Het is nog maar 1100 jaar geleden dat de Maya’s mensen offerden voor de god Quetzalqoatl, opdat het zonlicht niet opnieuw zou verdwijnen. Uit 500 jaar oude graven blijkt dat de Azteken dat nog steeds deden. Copernicus heeft echter met zijn heliocentrische model van het zonnestelsel in 1512 de weg opengesteld om de bewegingen van hemellichamen wiskundig te kunnen berekenen, ook al nam hij aan dat de omwentelingen van de planeten rond de zon cirkelvormig waren. En dus kun je hem zien als diegene die de wereld van de ons verdoemende hemelgod verloste.
De zonsverduistering van 20 maart 2015 beloofde spectaculair te worden. Ik keek er met vele anderen naar uit omdat de passage van de maan op een perfect uur viel voor menig schoolkind dat zich in de weken ervoor een speciale zonnebril had aangeschaft. Ik had dat niet gedaan omdat ik in 2005 met een doodgewoon cd-schijfje de hap uit de zon perfect had kunnen bewonderen. Ik herinner me nog een andere verduistering, die van 1999, terwijl ik op het terras van ons vakantiehuis in Pornichet zat. Toen de bedekking het grootst was, had ik het lichteffect bij klaarlichte dag als bizar ervaren. Voor de verduistering in 2015 had de weerman een mistige morgen voorspeld, maar hij hoopte natuurlijk dat de zon sterk genoeg zou zijn om die op tijd te verdrijven. En als dat niet gebeurde, hoopte ik op een buitenaardse uitwerking bij mist die ik nog niet kende.
Helaas was het een regelrechte tegenvaller. Door de verstrooiing van het zonlicht was de waarnemingsindruk bijna nihil, dan zou je elke donkere wolk een zonsverduistering kunnen noemen. De versduistering zag je nog het beste onder het tuinbankje. Teleurgesteld ging ik naar de winkel om inkopen te doen. Toen ik weer buitenkwam piepte de zon waarachtig door het wolkendek heen en kon ik zonder bescherming in de door de mist gefilterde zonneschijf nog een serieuze hap van de maan zien. Een man keek me raar aan omdat ik een foto van niet interessante wolken maakte. Het gewone leven ging door. Het was vreemd dat menig mens rondom me totaal geen oog had voor de opzienbarende verschijning aan de hemel.
Nochtans zijn de zon, de aarde en de maan de drie-eenheid van ons bestaan. Samen hebben ze het menselijke leven mogelijk gemaakt, want de zon belicht de aarde net genoeg om de levensmoleculen te behagen. En de maan masseert de aarde net voldoende om de zeeën in beweging te houden. In onze taal zijn zij hemellichamen zonder hoofdletter maar mét lidwoord, uit de oertijd, nog voor Mercurius, Venus, Mars, Jupiter, Saturnus, Neptunus, Uranus en Pluto hun eigennamen kregen. In de aarde van de aarde zijn we geplant, zijn we gegroeid, leven wij.

2014: Reclamatie


Foto Woest word ik als ik merk hoe borden langs de weg, spots op tv en adds op het internet me met allerlei reclame om de oren slaan. Als ik op straat loop wil ik niet dat een huizengroot reclamebord mijn uitzicht over het mooie landschap verpest. Als ik tv kijk hoef ik niet om de haverklap een reclameblok dat gelijkaardige programma’s aanprijst. Als ik internet, wil ik geen andere handtassen kopen dan de tas die ik haar als verjaardagsgeschenk heb gekocht. Nochtans zit er heel veel creativiteit in reclame vervat. Veel mensen verdienen er hun brood mee. Een heleboel reclameboodschappen komen tot stand met weinig geld en geen enkel ingenieus vernuft, maar nu en dan verrast een clip op tv me danig, zoals die van de energieverslindende hond Kito en zijn vijf puppy’s.
Als ik naar The Mentalist kijk, krijg ik gegarandeerd drie reclameblokken van meer dan vijf minuten voorgeschoteld. Om het begin van het programma niet te missen zijn de blokken tussen opeenvolgende programma’s weggelaten, maar voor ik de laatste minuten van mijn programma mag zien moet ik nog wat reclame doorworstelen, gratis en voor niets. Sommige zenders houden het binnen de perken. Andere zenders maken het al te bont. ’s Morgens valt het nog mee, maar ’s avonds, in prime time, moet ik de reclametoevloed indijken door naar een andere zender te zappen, met het nadeel dat ik nadien vergeet terug te keren naar het programma dat ik volgde.
Groot was mijn verbazing toen ik op 16 maart 2014 naar het volprezen programma Cosmos op NGC keek. Van 21u00 tot 21u45 genoot ik reclameloos van mooie ruimtebeelden en kwam ik eindelijk het kosmische adres van mijn wereld te weten: Aarde, Zonnestelsel, Melkwegstelsel, Virgosupercluster, Heelalbubbel, Alles. Eenmalig voor deze Cosmosserie? Ja zeker. De tweede aflevering werd zoals alle uitzendingen om het kwartier onderbroken door boodschappen van allerlei aard maar vooral om zichzelf te verheerlijken (de zender dus).
Veertig jaar geleden was ook al reclame op tv, maar minder. Ik herinner me dat ik samen met mijn broer graag op de Duitse zenders naar de Mainzelmänchen keek, kabouterachtige figuurtjes die een superkort toneeltje speelden en zo de reclamespots aan elkaar regen. En ook het lapjesleeuwtje Loeki friste de reclame op de Nederlandse zenders voldoende op om te blijven kijken. Verder dan onze buurlanden reikte onze tv-blik toen nog niet.
Nu krijg ik vanuit de hele wereld allerlei producten aangesmeerd. De reclame is niet meer weg te denken. Ik raak zeer bedrijvig in het kopen op het internet, maar volgens mij laat ik me niet verleiden door de adds. Ik bepaal zelf wel mijn koopgedrag. Nochtans leert me een tv-programma op NGC, Brain games, dat mijn brein me tot allerlei dingen dwingt waarvan ik denk dat het mijn keuze is. Ach, ik hou me vast aan de gedachte dat ik een vrije wil heb. Ondertussen neemt de digicorder mijn favoriete programma’s op zodat ik achteraf de vervelende reclame zomaar kan wegspoelen. Als iemand nog maar oppert dat ik daar ooit wel voor zal moeten betalen, word ik razend.

2013: Paasvaak


Foto De lente is in het land. Je zult lachen, maar dat is zo. Ook al lijkt de winter hardnekkig onze contreien te willen bezetten, overal zie je de lente op zijn sokken aankomen. De voorbodes zijn er zoals altijd vroeg bij. Helaas zijn de witte sneeuwklokjes in onze tuin onder de late sneeuw bedolven. Maar ze waren sterk genoeg om terug te komen en nu staan ze er als echte paasklokjes. Ook de gele krokusjes doen moeite om tegen de koudestroom op te roeien, een paasbloem waardig.
De knoppen aan de takken van de krulwilg die ik ‘afgelopen’ winter heb moeten kappen omdat een buurman klaagde over de bladafval in de herfst, breken uit, maar ik weet dat ze geen lang leven beschoren zijn. Het plantenrijk wordt langzaam wakker, maar ook de dieren krijgen lentekriebels. De vogels zetten hun lenteoffensief in door hun beste fluitconcert te laten horen. Vooral ’s morgens dienen ze als wekkers voor de mensen die vroeg op moeten staan om te gaan werken, maar andere soortgenoten slagen erin langslapers kregelig te maken, en daar reken ik me bij, want halftijds werken heeft zo zijn voordelen.
De lange winter heeft 4 maanden vrieskou over ons neer laten komen en ik durf dat te zeggen terwijl hij eind maart nog steeds in het land is. Mijn pa had hem nog moeten meemaken. Of eigenlijk niet, want hij was altijd zo bevreesd over de ijzige periode van het jaar. Regelmatig overbrugde hij die door te overwinteren op Tenerife. Ik hoop dat de radiatoren in de hemel hem het hele jaar door, alle jaren van zijn eeuwige leven, warm zullen houden en dat hij er zijn hobbydagen lenteachtig moge doorbrengen, want van de zomer hield hij evenmin.
Wij staan aan de vooravond van de lente die ineens zal uitbreken. Dan zullen we ’s morgens voor onze kleerkast staan en ons afvragen waar die luchtigere kleding ook alweer is gebleven. De vrouwen zullen hun mooiste kleedjes aantrekken en de mannen zullen weer niet weten waar ze eerst moeten kijken. Iedereen heeft er maanden naar gesnakt en ineens kunnen we vrijer ademen, vrolijker leven.
Ik stel me voor hoe mensen een klimaat zonder seizoenen beleven. Altijd koud, of altijd warm. Altijd regen, altijd sneeuw. Ze zullen in elk geval geen problemen hebben met de keuze van hun kleren, maar dan lijkt me een gevarieerd weerpatroon zoals het onze ineens veel aantrekkelijker. En toch, Belgen hebben zon nodig, licht. Niet voor niets doen ze aan lichttherapie in noordelijke landen zoals Noorwegen en Zweden. Er zouden daar ook meer zelfmoorden zijn omdat het er zo donker is. Op plaatsen komt de zon zelfs niet boven de horizon uit. Voor ons lijkt het een interessant natuurfenomeen, maar ik wil er voor geen geld van de wereld wonen.
De landen aan de evenaar lijken me ook te mijden plekken. Of past je gestel zich aan het klimaat aan en zul je je uiteindelijk overal goed in je vel voelen? Ik weet het niet. Ik denk dat je er geboren moet zijn. En dat wil dan zeggen dat iedereen in de omgeving van zijn geboorteplek moet blijven omdat hij zich anders klimaataanpassingsproblemen op de hals haalt. Ik vind het altijd leuk om te zien: een zwarte die sjaal, muts en wanten draagt.
Ik ben er nog niet uit in welk seizoen ik het liefste vertoef. Het gen dat bepaalt of iemand de zomer haat heb ik geërfd van mijn vader, dus de zomer valt al zeker af. Ook al heersen er in België niet altijd subtropische temperaturen, je komt toch aan het zweten van de hoge luchtvochtigheid. Bovendien is de Belgische zomer zo kort dat je niet eens de tijd krijgt om er fatsoenlijk van te genieten. De ouderen onder ons zeggen altijd dat de zomers niet meer zo zijn als vroeger. Ik herinner me zelf die van 1976 nog heel goed. De laatste keer dat ik echt gezweet heb is op vakantie in Tornac, in 2006. Toen heersten er temperaturen van 34 graden rond het vakantiehuis en gelukkig bracht het grote zwembad verkoeling. Binnen blijven was de boodschap.
Een winter als die van 1789, 1947 of 1963 wil ik niet meemaken; die van 2013 kan er niet aan tippen. Toch vind ik sneeuwlandschappen mooi genoeg om de winter als mijn favoriete seizoen aan te duiden. Ik ben echter oud genoeg geworden om ruwe winterhanden te krijgen en mijn vriendin heeft niet graag dat ik haar daarmee betast. Dus, ga heen Koning Winter.
Ik kies de lente niet als mijn favoriete seizoen omdat de pollen in de lucht neus-, oor- en keelklachten bij mij teweegbrengen. Tranende ogen verhinderen goed zicht, kortademigheid doen me afzien van wandelen in de natuur en de pollen verdikken de stoppen in mijn oren waardoor ik nog slechter hoor dan anders. Conversaties kunnen dan gemakkelijk ontaarden in een lachwekkend hoorspel.
Ik vind de kleurschakeringen van de herfstbladeren aangenaam om naar te kijken of er foto’s van te maken. September brengt soms een late zomer mee, een Indian Summer als we wat geluk hebben, en ook de temperaturen in oktober en november zijn draaglijk. Alleen jammer dat de flora zich op zijn schijndood voorbereidt en dat de fauna zich in al zijn vestigingen terugtrekt zodat ik me tijdens mijn wandelingen moederzielalleen voel. Laat Koningin Herfst maar komen. Ik ben nog niet in de herfst van mijn leven en kijk uit naar wat zij mij dit jaar zal brengen.
De winter is bijna dood. Leve de lente. Beleef Pasen met het idee van de Gulle Gever in je achterhoofd: leef vrolijk, ren je niet rot maar sta nu en dan stil en kijk op naar de sterrenhemel. Zo boven, zo beneden. Tik het gerust in op een of andere zoekmachine.

°


Terug naar boven

Gezicht van april 2017

Foto

Al eerder waren mijn boeken te raadplegen in de provinciale bibliotheek van Hasselt (Limburgensia), maar 12 jaar na de uitgave van De Bende Van De Paars-groene Mannen is het zover: mijn 16 romans zijn nu ook uit te lenen voor iedere lezer die liever geen boeken koopt. De boeken zijn gemakkelijk te vinden aan de Limburgstand op de eerste verdieping. Uit het aantal boeken die er nog liggen kan ik afleiden dat er al enkele zijn uitgeleend. Een Limburgs schrijver wil natuurlijk dat Limburgers zijn 'kindjes' lezen.

Gedicht van april 2017

Broederschap van mensen


Ik tuur,
zwijgend,
schrijf over ‘s mens,
wel en wee.

Ik zoek
antwoorden,
ook op vragen
van anderen.

Gezicht van april 2016

Foto

Ondanks overbelichting, begeesterend Brussel.

Gedicht van april 2016

Peis en vree


Druppels bloed
laten patronen achter
in een plas mensenlevens,
verbrijzeld tussen
de tangen van Notenkraker.

Woorden
zeggen alles of niets,
in de waan
dat bij elke heikele kwestie
een bikkelharde reactie hoort.

Mijn allesweten,
door onmacht aangeslagen,
doet me twijfelen,
het enige wat me nog rest
als reddeloos verlorene.

Gezicht van april 2015

Foto

Spock-achtige vredesonderhandelaar
staat voor gesloten abdijpoort.

Gedicht van april 2015

Rondedans


Zwier jezelf in de rondte,
waan je in een gekkenhuis,
en omwentel de grote rotonde.

Werk als carrouseldraaier,
cirkel rond de hemelsferen
en keer die mallemolen.

Terwijl de maan wast
en de zon voor niets opgaat
bestellen wij onze geliefden ter aarde.

Gezicht van april 2014

Foto

Opa speelt jojo
en de wereld hangt aan zijn zijden draadje.

Gedicht van april 2014

Ruimtestof


Mensen zoeken levenslang
naar het ultieme geheim
en kijken vruchteloos uit
naar het land van hun dromen.

Mensen leven ontzettend kort,
kijken hopeloos toe
hoe alles komt en gaat
en vallen als bladeren van bomen.

Als jij je nu eens haast
en de kaarsjes uitblaast,
dan zal ik de sterren
boven je hoofd tellen.

Gezicht van april 2013

Foto

Treurwilg.

Gedicht van april 2013

Valstrik


Mijn gevallen blad volgt
de wil van de wind.
Vogels verbergen zich
voor de malse novemberregen
Voel me alleen.

Een eend glijdt uit
over de landingsvijver.
De wilgen treuren
om mijn verloren jeugd.
Zie de ijstijd komen.

Goudgeel natuurschoon
omringt mij.
Bijen zoemen
in mijn hoofd.
Hoor het elfde gebod.

Wees niet karig met het zaaigoed.

eygen

Site map         Contact               Geschriften             Gedachten

facebook facebook


© EYGEN-BOEKEN.be    On-line sinds 25/05/2012      Alle rechten voorbehouden
Versie 8.0          Page update 13/07/2017 13:00


B O E K E N    V A N    K R I S    V A N    E Y G E N    U I T G E G E V E N    D O O R    L E C T U R I U M    (FreeMusketeers)